De Vlaamse overheid tracht op verschillende manieren te zorgen voor een tijdige en correcte implementatie van het Europese gemeenschapsrecht om te vermijden dat de Europese Commissie een inbreukprocedure opstart.
De dienst Wetsmatiging verzamelt ieder kwartaal cijfers over het aantal inbreukdossiers en hun oorzaak en gevolg.
Op 31 maart 2012 zijn er in Vlaanderen 24 inbreukdossiers:
waarvan 12 wegens laattijdige omzetting van richtlijnen,
waarvan 8 wegens niet correcte omzetting van richtlijnen,
waarvan 4 wegens niet correcte toepassing van andere bronnen van Europees recht (Verdragen, Verordeningen, Beschikkingen, enz.)
Van 2 van deze dossiers werd een dagvaarding uitgesproken. Er werden geen veroordelingsarresten uitgesproken.
Overeenkomstig artikelen 258 en 260 VWEU start de Commissie een inbreukprocedure wanneer een lidstaat de “krachtens het verdrag op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen”. Het gaat dus om de niet-nakoming van om het even welke vorm van Gemeenschapsrecht die voor de lidstaten verbindend is. Concreet betekent dat het Europees recht op drie manieren kan worden geschonden:
De cijfers over de inbreukdossiers komen van het Departement Internationaal Vlaanderen en worden ieder kwartaal aan de dienst Wetsmatiging bezorgd.